Start >> Franse grammatica >> Le passé composé : les participes passés en -is.

Le passé composé : les participes passés en -is.

Franse grammatica tips met Frantastique.
Verbeter je Frans en test gratis onze online Franse lessen.

Le passé composé : les participes passés en -is.

De werkwoorden prendre (nemen) en apprendre (leren) hebben een voltooid deelwoord dat eindigt op -IS, net als comprendre (begrijpen), mettre (zetten, leggen), asseoir (zitten) en acquérir (aanschaffen). Dit wordt gevormd door -ENDRE, -ETTRE, -EOIR of -ÉRIR weg te halen en -IS toe te voegen (prendre pris, mettre mis etc.). Ze worden in de passé composé op de volgende manier vervoegd:

prendre nl
J’ai pris
Tu as pris
Il a pris
Nous avons pris
Vous avez pris
Ils ont pris
mettre nl
J’ai mis
Tu as mis
Il a mis
Nous avons mis
Vous avez mis
Ils ont mis
asseoir nl
J’ai assis
Tu as assis
Il a assis
Nous avons assis
Vous avez assis
Ils ont assis
J’ai mis ton téléphone sur la table. Ik heb je telefoon op de tafel gelegd.

Zo kom je verder...

Heb je nog steeds moeite met 'Le passé composé : les participes passés en -is.'? Wil je je Frans verbeteren? Test onze online Franse lessen en ontvang een gratis niveaubeoordeling!

Heb je een tip om fouten te voorkomen met 'Le passé composé : les participes passés en -is.'? Deel hem met ons!

Schaaf je Frans bij en test Frantastique, de online Franse lessen.