Start >> Franse grammatica >> Les verbes pronominaux au passé composé

Les verbes pronominaux au passé composé

Franse grammatica tips met Frantastique.
Verbeter je Frans en test gratis onze online Franse lessen.

Les verbes pronominaux au passé composé

Ter herinnering: Wederkerende werkwoorden worden vervoegd met een wederkerend voornaamwoord (me, te, se, nous en vous).
In le passé composé worden wederkerende werkwoorden altijd vervoegd met het hulpwerkwoord être. Het wederkerend voornaamwoord wordt voor het hulpwerkwoord geplaatst.
se laver nl
Je me suis lavé
Tu t’es lavé
Il s’est lavé
Nous nous sommes lavés
Vous vous êtes lavés
Ils se sont lavés
se souvenir nl
Je me suis souvenu
Tu t’es souvenu
Il s’est souvenu
Nous nous sommes souvenus
Vous vous êtes souvenus
Ils se sont souvenus
se demander nl
Je me suis demandé
Tu t’es demandé
Il s’est demandé
Nous nous sommes demandé
Vous vous êtes demandé
Ils se sont demandé
Opmerking: In tegenstelling tot andere werkwoorden die in de passé composé vervoegd worden met het hulpwerkwoord être, stemmen wederkerende werkwoorden niet altijd overeen met het onderwerp.
Elles se sont lavées. Ze hebben zichzelf gewassen.
Elles se sont parlé. Ze hebben elkaar gesproken.
Nog een ding! Als het werkwoord niet wederkerend is, moet het vervoegd worden met het hulpwerkwoord avoir.
Elle t’a blessé la main Ze heeft jouw hand verwond (werkwoord = blesser)
Elle s’est blessé la main Ze heeft haar hand verwond (werkwoord = se blesser)

Zo kom je verder...

Heb je nog steeds moeite met 'Les verbes pronominaux au passé composé'? Wil je je Frans verbeteren? Test onze online Franse lessen en ontvang een gratis niveaubeoordeling!

Heb je een tip om fouten te voorkomen met 'Les verbes pronominaux au passé composé'? Deel hem met ons!

Schaaf je Frans bij en test Frantastique, de online Franse lessen.