Start >> Franse grammatica >> Imparfait ou passé composé ?

Imparfait ou passé composé ?

Franse grammatica tips met Frantastique.
Verbeter je Frans en test gratis onze online Franse lessen.

Imparfait ou passé composé ?

De passé composé en de onvoltooid verleden tijd beschrijven beide handelingen die in het verleden plaatsvonden. De vraag is wanneer ze gebruikt moeten worden. In deze tabel is het antwoord te vinden.
Onvoltooid verleden tijd
Passé composé


Gebruikt voor herinneringen, of gewoontes en beschrijvingen in het verleden.
Quand j’étais petit, j’allais souvent en vacances à la mer.
Toen ik klein was, ging ik vaak op vakantie aan zee.
Dans le restaurant, la serveuse préparait des cafés et le patron lisait le journal.
In het restaurant schonk de serveerster de koffie in en las de eigenaar de krant.
Voor gebeurtenissen die op een exact moment in het verleden plaatsvinden.
Het equivalent van de voltooid tegenwoordige tijd in het Nederlands.
Hier, je suis allé à la mer et j’ai mangé une glace.
Gisteren ben ik naar zee gegaan en heb ik ijs gegeten.
Dimanche, je me suis levé à 11 h et j’ai préparé du café.
Op zondag ben ik om 11:00 uur opgestaan en heb ik koffie gezet.
Voor voortdurende handelingen in het verleden, waarvan het moment van voltooien niet bekend is.
Hier, à 5 h 30, je dormais.
Gisteren om 5:30 uur sliep ik.
Voor handelingen die zijn begonnen en geëindigd in het verleden.
Hier wordt in het Nederlands de voltooid tegenwoordige tijd gebruikt.
J’ai dormi jusqu’à 5 h 30.
Ik heb tot 5:30 uur geslapen.
Met de volgende uitdrukkingen:
souvent (vaak), d’habitude (gewoonlijk), tous les jours (elke dag), chaque lundi (elke maandag) etc.
Chaque vendredi nous allions au marché à pied.
We gingen elke vrijdag lopend naar de markt.
Avant je sortais le chien tous les matins.
Vroeger liet ik elke ochtend de hond uit.
Met de volgende uitdrukkingen van tijd:
pendant 3 jours (3 dagen lang), l’année dernière (vorig jaar), à 11 h (om 11 uur), soudain (plotseling), une fois (eens, een keer), deux fois (twee keer) etc.
L’année dernière l’hiver a été très froid.
De winter vorig jaar was erg koud.
Je traversais la route lorsqu’une voiture m’a renversé.
Ik stak de weg over toen ik werd aangereden door een auto.

Zo kom je verder...

Heb je nog steeds moeite met 'Imparfait ou passé composé ?'? Wil je je Frans verbeteren? Test onze online Franse lessen en ontvang een gratis niveaubeoordeling!

Heb je een tip om fouten te voorkomen met 'Imparfait ou passé composé ?'? Deel hem met ons!

Schaaf je Frans bij en test Frantastique, de online Franse lessen.