Start >> Franse grammatica >> Le passé composé : les participes passés en -i.

Le passé composé : les participes passés en -i.

Franse grammatica tips met Frantastique.
Verbeter je Frans en test gratis onze online Franse lessen.

Le passé composé : les participes passés en -i.

De meeste werkwoorden eindigend op -ir of -ire hebben een voltooid deelwoord dat eindigt op -i. Dit wordt gevormd door de -r of -re aan het eind weg te halen. Enkele voorbeelden: finir fini (voltooien), dormir dormi (slapen), servir servi (serveren), sortir sorti (uitgaan), partir parti (vertrekken), rire ri (lachen), suivre suivi (volgend). Ze worden in de passé composé op de volgende manier vervoegd:

finir nl
J’ai fini
Tu as fini
Il a fini
Nous avons fini
Vous avez fini
Ils ont fini
rire nl
J’ai ri
Tu as ri
Il a ri
Nous avons ri
Vous avez ri
Ils ont ri
dormir nl
J’ai dormi
Tu as dormi
Il a dormi
Nous avons dormi
Vous avez dormi
Ils ont dormi
Nous avons fini notre travail. We hebben ons werk voltooid.

Zo kom je verder...

Heb je nog steeds moeite met 'Le passé composé : les participes passés en -i.'? Wil je je Frans verbeteren? Test onze online Franse lessen en ontvang een gratis niveaubeoordeling!

Heb je een tip om fouten te voorkomen met 'Le passé composé : les participes passés en -i.'? Deel hem met ons!

Schaaf je Frans bij en test Frantastique, de online Franse lessen.