Start >> Franse grammatica >> Volonté, capacité, nécessité, obligation

Volonté, capacité, nécessité, obligation

Franse grammatica tips met Frantastique.
Verbeter je Frans en test gratis onze online Franse lessen.

Volonté, capacité, nécessité, obligation

Hier volgen de belangrijkste werkwoorden voor het uitdrukken van:

•  de wens (la volonté) : vouloir conjugaison
Muriel veut manger un croissant. Muriel wil een croissant eten.
Je voudrais du pain, s’il vous plaît. conjugaison Ik wil graag een brood, alstublieft.
•  de mogelijkheid (la capacité): pouvoir conjugaison
Marcel peut compter jusqu’à 10. Marcel kan tot 10 tellen.
Pouvez-vous répéter, s’il vous plaît ? Kunt u dat herhalen, alstublieft?
•  een behoefte of een noodzaak (la nécessité): avoir besoin de CONJUGAISON
Victor, la France a besoin de toi ! Victor, Frankrijk heeft je nodig!
Hier matin, j’avais besoin de courir. CONJUGAISONGisterochtend moest ik hardlopen.
•  een verplichting (l’obligation): devoir conjugaison en falloir (il faut)
Gérard Therrien doit payer ses impôts. Gérard Therrien moet zijn belasting betalen.
Il faut que Gérard Therrien paie ses impôts. Gérard Therrien moet zijn belasting betalen.
Opmerking:
•  De werkwoorden vouloir, pouvoir en devoir worden vaak direct gevolgd door een infinitief.
Je veux dormir. Ik wil slapen.
Il peut travailler. Hij wil werken.
•  Na il faut que gebruiken we de aanvoegende wijs:
Il faut que tu viennes tout de suite ! Je moet meteen komen! (letterlijk: ‘het is nodig dat je meteen komt’)

Zo kom je verder...

Heb je nog steeds moeite met 'Volonté, capacité, nécessité, obligation'? Wil je je Frans verbeteren? Test onze online Franse lessen en ontvang een gratis niveaubeoordeling!

Heb je een tip om fouten te voorkomen met 'Volonté, capacité, nécessité, obligation'? Deel hem met ons!

Schaaf je Frans bij en test Frantastique, de online Franse lessen.